Tuesday, December 15, 2009

Dublin is een fijne stad.

Voordat ik naar Ierland verhuisde, woonde ik acht jaar lang in Gent. De eerste zes jaar huisde ik er op een geweldig kot als student. Na mijn studies ben ik gebleven. Ik hou van Gent. Het is gewoon een vré wijze stad. Als fervent cultuurparticipant kwam ik er altijd aan mijn trekken. Ik had een theaterabonnement en dweilde alle tentoonstellingen met bijhorende vernissages af. De Hotsietotsie was mijn stamcafé en de Vooruit mijn tweede thuis. De pintjes zijn er goedkoop, er staat een frituur op iedere hoek van de straat en er valt altijd iets te beleven. Ondertussen woon ik iets meer dan een jaar in Drogheda, een provinciestadje in Ierland dat niet zo ver van de Dublin gelegen is en dat zo’n 40.000 inwoners telt. Het culturele leven in Drogheda is helaas nogal mager en de Ierse pub kent hier maar weinig variatie. Dus trek ik regelmatig naar Dublin om mijn culturele honger te stillen. Telkens ik door de straten van Dublin wandel, is het alsof ik me een beetje thuis waan, in Gent. De energieke lucht van een grote stad, de gezellige drukte, het aanbod aan winkels, de variatie aan cafés en de cocktailbars doen zowel een gevoel van heimwee als van thuiskomen opwellen. Dublin is een bruisende stad. Het leven gaat er vooruit. Het is alsof je werkelijk in een ander land terechtkomt. De mentaliteit en de levenshouding zijn er helemaal anders dan gelijk waar in Ierland. Meer en meer begrijp ik de dualiteit alsook rivaliteit tussen ‘The Dubs’ en de rest van het land. Dublin heeft een erg kosmopolitische sfeer. Je geniet er bovendien de typische anonimiteit van een grootstad. Niemand kijkt vreemd op als je een geflipte outfit draagt en vervolgens een danspasje waagt in het midden van Grafton Street. Als je daarna met je hoed rondgaat, kan je er trouwens nog iets aan verdienen. Er staat daar altijd wel één of andere clown de show te stelen en ambiance te verkopen. In Drogheda heerst de klanmentaliteit. Familie is en blijft familie, ook als het verre neven en oneindig verre nichten zijn. Dat betekent dat men het voor elkaar opneemt en iedereen bijgevolg iedereen kent, via via weet je wel. De geruchtenmolen draait hier dan ook onnoemelijk snel. Ik moet toegeven dat het me soms een beetje nerveus maakt. Ik hou van die anonimiteit. Niet dat ik veel op mijn kerfstok heb, maar de idee alleen al maakt me onzeker. Toch is het leven in Drogheda ook mooi. Ik hou van de eindeloze strandwandelingen hier. Ik vind het heerlijk om ‘s ochtends wakker te worden en de pure stilte te ervaren. Dat vind je nergens meer in Vlaanderen. Het is bovendien fantastisch dat ik in een stadje waar nauwelijks culturele faciliteiten zijn, kan bijdragen aan de uitbouw van nieuwe artistieke projecten. Het is een buitenkans om hier voltijds als kunstenaar en organisator van culturele evenementen te kunnen werken. Maar ik mis de stad, ik mis Gent en het bruisende sociale leven. Ligt het aan de tijd van het jaar of aan het aanhoudende slechte weer? Heeft het te maken met het feit dat het hier al om vier uur ’s namiddags donker is en er een algemene winterblues heerst onder de bevolking? Ik weet het niet. Eigenlijk doet het er niet toe. Heimwee naar wat was en moeite met de acceptatie van wat is, hebben we allemaal wel eens en daar is toch helemaal niks mis mee?

Thursday, November 26, 2009

Het regent, het regent...

Het regent in Ierland, al dagenlang. Af en toe piept de zon even door de wolken, maar in de verte komt de volgende lading donderwolken alweer met volle kracht aangewaaid. Ook de wind maakt er hier een waar feest van dat gepaard gaat met eclectische muziek die in de vallei van de rivier Boyne weerklinkt. Met een kracht tussen de 90km en de 120km per uur noemen ze dat in België een storm. Hier is dit normaal voor de tijd van het jaar. De bomen groeien krom. De wind waait langs de heuvels en de huizen. Ze zoeft door de schoorstenen, en komt langs spleten en kieren naar binnen, vergezeld door een kolonie muizen, die het leven in de weiden in deze tijd van het jaar ook maar niks vinden. De regen klettert op het dak en tegen de ruiten met zo’n lawaai dat het bij momenten moeilijk is mekaar te verstaan. Ierland is een erg muzikaal land en plots begrijp ik waar de melancholische inspiratie vandaan komt. De klanken van de wind, het gekletter van de regen en de zwaarmoedigheid van de herfst vormen een ideale combinatie tot gecomponeerde uitmuntendheid. En zoals ik gisteren las, blijken creatievelingen nood te hebben om hun smarten van zich af te schrijven, te schilderen, te componeren of te zingen. Het moet gezegd, nooit zag ik meer creatieve mensen om me heen dan in Ierland. Bijna iedereen bespeelt hier een instrument en maakt op een zeker moment in zijn leven deel uit van minstens één muziekgroep. Overal in de pubs weerklinken coverbands, akoestische solo’s en traditionele Ierse muziek. De bevolking trekt zich terug voor een winterslaap voor de tv met een occasioneel uitje naar de pub. Om vijf uur ’s avonds is het hier pikdonker en op 21 december begint het om 3 uur te schemeren en is het om 4u nacht. Als je naar de pub trekt om in deze donkere en gure tijd van het jaar een beetje warmte en gezelligheid te vinden buitenshuis, zet dan vooral geen mutsen op en neem zeker geen paraplu mee, want dat is verloren moeite en weggewaaid geld. Dit jaar gaat de regenachtige herfst gepaard met nationale miserie. In het westen en het zuiden van Ierland zijn grote gebieden overstroomd. Scholen zijn gesloten, ganse steden en dorpen zijn ondergelopen, mensen worden geëvacueerd, grote gebieden hebben geen stromend water en het blijft maar regenen. Het is alsof de volledige Atlantische oceaan verdampt is en zich nu neerstort op dit al door de recessie in ellende verzonken eiland. Vreemd genoeg komt een dergelijke natuurramp niet eens in het nieuws in België. Maar iedereen is hoopvol, want kerstmis komt eraan. De kerstverlichting hangt al op in de straten. In elke stad maakt de kerstman momenteel zijn officiële intocht. Kerstmis is het evenement van het jaar in Ierland. Massa’s gekleurde lichtjes, tonnen cadeautjes waar duchtig voor geshopt moet worden, het voorbereiden van de traditionele Christmas cake en Chritmas pudding en uiteraard de jacht op de beste kalkoen, vrolijken de boel nu al op. In België moet de sint nog passeren, maar hier is de kerstgekte al volop aan de gang. Ik ontving op 1 november, de dag na Halloween, mijn eerste kerstkaartje.

Vrijdag de dertiende, een heerlijke dag!

Ik weet niet of ik ooit geloofd heb in het ongeluk dat vrijdag de dertiende met zich zou meebrengen. Toch rinkelt er iedere keer dat het zich voordoet een klein belletje in mijn hoofd ‘opletten geblazen, het zou wel eens mis kunnen gaan vandaag’. Hoewel de Ieren zeer gelovig en bijgelovig zijn, kraaide hier afgelopen vrijdag trouwens geen haan naar die zogenaamde speciale datum. Het was een fijne dag. Een dag zoals ik er al lang geen meer beleefd had. De dag begon ’s ochtends met een lieve tijd-om-op-te-staan-knuffel, waarna mijn lief me een heerlijk ontbijt serveerde. Hij had zelfs verse exotische vruchtensap gemaakt. Ik bracht hem naar zijn werk en ging vervolgens zelf naar de les. Het was een ochtend van intense theorieën met zowaar een moment van openbaring: ‘waauw, het leven is de max, dat ik daar nog niet aan gedacht had’. Vervolgens lunchte ik met enkele vriendinnen en ik kwam niet meer bij van het lachen met hun straffe verhalen van afgelopen week. Opeens besefte ik dat ik hier in Ierland echte vrienden heb. Bovendien ontdekte ik dat dit etablissement zowaar pasta’s met geitenkaas serveert, één van mijn lievelingsgerechten, en nog wel tegen democratische prijzen. Dat ik hier nog nooit eerder geluncht had! Daarna ging ik inkopen doen voor de vernissage van onze tentoonstelling diezelfde avond. In een hippe kleerwinkel stelden we de werken tentoon van een groep tieners die bij ons een schildersworkshop gevolgd hadden. De nodige hapjes en drankjes werden voorzien en de avond was een waar succes. Een hoog pubergehalte, maar ook vele van onze vrienden kwamen langs om dit jonge talent te bewonderen. Er werd zelfs een schilderij verkocht. Met enkele plakkers van op de tentoonstelling eindigden we de dag in de wijnbar, met een heerlijk diner en goddelijk lekkere wijn. Het is eens iets anders dan de traditionele Ierse pub. Toen de lachspieren niet langer bedwongen konden worden, besloten we dat dit een mooi moment was om naar huis te gaan. Een waar feest, die vrijdag de dertiende, weliswaar zonder spectaculaire gebeurtenissen. Het was gewoon een heel leuke dag. Het plezier zit soms in de aaneenschakeling van kleine, fijne momenten. Laat maar komen die vrijdag de dertiende, ik kan er tegen. Zaterdag de veertiende was een veel minder aangename dag.

Ja zeggen de Ieren, waarop een golf van kritiek volgt!

De Ieren hebben massaal 'ja 'gestemd op het referendum over het Verdrag van Lissabon. De opkomst was veel groter dan verwacht en de overwinning van het ja-kamp was overweldigender dan ooit gehoopt. Iedereen tevreden dus, behalve het neen-kamp en een horde cynische journalisten. De campagneborden zijn ondertussen uit het straatbeeld verdwenen, de commotie is al heel snel na het referendum gaan liggen en het leven gaat verder. Helaas konden menig Europese journalisten, die voor de gelegenheid naar Dublin afgezakt waren, het niet nalaten enkele snerende reportages te draaien. Ierland heeft ja gestemd. Dat zou de Europese lidstaten tevreden moeten stemmen, want dat was toch waar iedereen op gehoopt had? Maar de kritiek en het cynisme in de journalistiek loeren dezer dagen gemeen om de hoek. De volgende uitleg werd plots aan de ja-overwinning toegeschreven. Toen het economisch nog goed ging, hadden de Ieren Europa niet nodig, maar nu het slecht gaat, keren ze met hangende poten en ovetuigend ja-knikkend terug naar Brussel. Nu Ierland aan de rand van het bankroet balanceert, heeft het Europa terug nodig, net zoals in de jaren tachtig toen het er armoe troef was. Nu wil het plots wel terug bij de Europese kliek behoren. Waarom toch dat cynisme? Waarom kan men niet gewoon de waarheid aanvaarden die alle journalisten menig maal in hun krant verkondigd hebben tot enkele uren vóór het laatste referendum. De waarheid is dat de Ieren bij het vorige referendum een triest gebrek aan informatie ondervonden, niet wisten waarover Het Verdrag van Lissabon eigenlijk ging, geen positief signaal kreeg van de regering en uiteindelijk uit pure frustratie neen stemde. Dat was toch waar iedereen het over eens was? Dat was toch wat talloze onderzoeken en menig bevraging uitgewezen hadden? Hoogmoed speelde hoegenaamd geen rol. De modale Ier staat met beide voeten op de grond. Waarom hebben de Ieren deze keer dan wel ja gestemd? Omdat de meesten ondertussen het belang van de Europese Unie ingezien hebben. Omdat er veel geld door Europa geïnvesteerd is in degelijke informatie en een positieve campagne. Omdat Barosso enkele weken geleden nog door Ierland getoerd heeft om het ja-woord te verkondigen. Omdat er overal in het landschap plakkaten opdoemen dat dit bouwproject, deze snelweg en dat natuurpark gesubsidieerd werd door de Europese Unie. Omdat de Ieren een groot schuldgevoel onder de neus gewreven werd. Omdat de Ieren ALTIJD pro-Europa geweest zijn. Waarom kan dit niet gewoon aanvaard worden en moet Ierland nogmaals door het slijk gehaald worden, ondanks het feit het het beoogde resultaat bereikt werd? Waarom is het eigenlijk nooit goed? Dergelijke berichtgeving viel niet in goede aarde in Ierland en dat kan ik best begrijpen. Gelukkig komt er voorlopig geen derde referendum.

Thursday, October 1, 2009

Het Verdrag van Lissabon, tweede poging.

Op twee oktober houdt Ierland zijn tweede referendum in de hoop het Verdrag van Lissabon deze keer wel goedgekeurd te krijgen door het Ierse volk. De campagnes van zowel het ja- als het nee-kamp vechten hard voor de stemmen. De straten hangen vol met de wildste slogans en de brievenbussen puilen uit van de folders. Er worden debatten gehouden op de radio en de televisie en de kranten wijden grote artikels en interviews aan het referendum. Bovendien gaf de voorzitter van de Europese Commissie José Manuel Barroso vorige week op verschillende plaatsen in Ierland lezingen en toespraken. In tegenstelling tot het vorige referendum, waar waar door gebrek aan informatie een soort angst voor het onbekende tot een overduidelijke nee-stem geleid heeft, kan niemand zich deze keer van dit argument bedienen. Er wordt duidelijk veel tijd, geld en energie in de huidige campagne gestoken. Het ja-kamp vertegenwoordigt de regering en alle grote politieke partijen in Ierland, uiteraard hevig gesteund door de Europese Unie. Na een grootschalig onderzoek over het waarom van de nee-stem uit het vorige referendum, wordt voornamelijk gefocust op de pijnpunten die de bevolking toen aangaf. Europa heeft de nodige garanties geboden dat Ierland zijn militaire neutraliteit behoudt. Het Verdrag van Lissabon sleutelt niet aan de wetgeving over abortus en het recht op onderwijs. Het leidt er ook niet toe dat Europa en supermacht wordt waarin Ierland betekenisloos wegzinkt. Het Verdrag van Lissabon hervormt de instellingen na de toetreding van de nieuwe lidstaten, daar gaat het om. Er heerst een duidelijke angst onder de bevolking om opgeslokt te worden in een gigantische machine waarin de Ierse eigenheid en tradities verloren zullen gaan en dit probeert het ja-kamp met man en macht te weerleggen. Helaas is de economische situatie sinds het vorige referendum ernistig veranderd. Nergens in Europa woekert de recessie zo hard als in Ierland. Net daar speelt het nee-kamp deze keer handig op in. Zij bestaat uit enkele kleinere partijen, Sinn Féin en een groot aantal splintergroeperingen, verspreid over het ganse land. In tijden van recessie liggen werkgelegenheid en de lonen erg gevoelig. Vele Ieren hebben reeds een loonsverlaging gekregen omwille van de economisch slechte situatie. Het nee-kamp zaait paniek door te verkondigen dat Europa de minimumlonen wil verlagen tot 1,84€ per uur. Minder verdienen dus, in een land waar alles steeds duurder wordt. Helaas komt dit voor velen geloofwaardig over. Met slogans als ‘Duitsland 17%, Ierland slechts 0,4%’ wil men aantonen dat Ierland nauwelijks inspraak zal hebben in de EU en dat alles boven de hoofden van de Ieren beslist zal worden. Dergelijke cijfers zonder context geven uiteraard een vertekend beeld dat er niet zo fraai uitziet, opnieuw een zeer handige truc die gehanteerd wordt en waar velen gemakkelijk intrappen. Verder worden de mensen bang gemaakt met uitspraken als ‘kinderen zullen in instellingen geplaatst worden als hun ouders deppressief zijn of te veel alcohol drinken’. En ja, de pint geeft de modale Ier niet graag op. Alweer een gevoelige snaar die geraakt wordt Toegegeven, alle slogans van het nee-kamp zijn redelijk plat en doorzichtig voor degenen die ook maar een beetje op de hoogte zijn van wat er zich in de Europese Unie afspeelt. Helaas is dat in Ierland voor velen een ver-van-mijn-bedshow. Bovendien mag je de kracht van het roddelelen en het gesproken woord niet onderschatten. Zo worden verhalen steeds bonter naarmate de tijd vordert, want een vriend van een kennis van de bakker van om de hoek zal het wel weten zeker? Wie weet welke waarheid er nog in een dergelijk vertellingen schuilt, maar ze behouden helaas hun krachtig effect. Het is moeilijk te voorspellen wat het uiteindelijk zal worden. Vele Ieren zijn ontevreden over de huidige economische situatie en hoe de regering daarop ageert. De angst en frustratie ten opzichte van het huidige beleid zitten diep verankerd. Het zijn net die partijen die het ja-woord verkondigen en ditmaal wel een positieve boodschap willen uitdragen. Prosteststemmen tegen de huidige regeringspartijen zullen er dus wel degelijk massaal komen. Die gasten vertellen toch alleen maar leugens en helpen ons land en onze economie om zeep, waarop zouden we hen deze keer wel vertrouwen en geloven? Laat ons hopen dat voldoende Ieren het nut en het belang inzien van een beter Europa. Laat ons hopen dat voldoende Ieren inzien dat ze zonder Europa nergens staan. Laat ons hopen dat voldoende Ieren in het stemhokje beseffen wat Europa de laatste twintig jaar voor Ierland betekent heeft. Laat ons hopen dat het een dikke JA wordt.

Friday, September 18, 2009

Ierland is alomtegenwoordig…

Als je dacht dat ik voorgoed verdwenen was van de Standaard Blog, dan heb je het mis. Mijn informatiestop heeft alles te maken met mijn Tour de l’Europe en mijn bouwproject tijdens de zomermaanden. Toch blik ik graag terug op enkele momenten van de voorbije zomer. Het druilerige Ierland liet ik eind juni graag even achter mij om eerst enkele dagen door te brengen met vrienden en familie in België. Vervolgens vloog ik voor een vierdaagse zon- en feestpartij met onze vaste bende oud-studenten cultuurmanagement naar Spanje. Aangezien mijn schoonbroer trouwde in Italië reisde ik vervolgens af naar Milaan, om van daaruit door te trekken naar de Toscaanse heuvels voor de trouwpartij. Na een achtdaags Italiaans feest- en cultuurbad trok onze reis verder naar België, waar we volgens jarenlange traditie de Werchterweide onveilig maakten met een bonte combinatie van Ierse en Belgische vrienden. Daarna was er nog even tijd om enkele solden te scoren om dan uiteindelijk terug richting Ierland te trekken. Ik wilde even alle Ierse gedachten thuis laten en de batterijen herladen om dan fris en vol goede moed naar het land der economische crisis terug te keren. Dat bleek echter niet zo simpel te zijn. Ook al woon ik hier ondertussen bijna een jaar, tijdens deze reis besefte ik voor het eerst hoe duidelijk Ierland aanwezig is in mijn leven en in de rest van de wereld. Waar je ook komt in Europa, en naar verluidt wereldwijd, doemen Ierse pubs op. Mc Phails, McHughs, Mc Guinness… Mc weetikveelwat in Spanje, Italië, België, luchthavens en boerenhollen. Overal wordt er vrolijk Guinness geschonken en schelt de Ierse traditionele muziek uit de boksen. En waar denk je dat de Ieren naartoe gaan als ze op reis zijn? Jawel, naar de Ierse pub. Ook blijkt de enige manier om op een budgetvriendelijke wijze door Europa te reizen via de Ierse luchtvaartmaatschappij Ryanair te zijn. Aangezien mijn budget tegenwoordig het grootste deel van mijn handelingen bepaalt, besloot ik om bij Ryanair te reserveren voor mijn trip van Spanje naar Italië. Mijn vriend wachtte me op in Milaan en van daaruit zouden we richting Toscane vertrekken. Jammergenoeg belandde ons vliegtuig in een hevig warmteonweder ter hoogte van Milaan . Na ettelijke mislukte landingspogingen, rondjes vliegen in afwachting van beter weer, hevige turbulentie, kokhalsende medepassagiers, bleirende kinderen, jammerende Italianen en Spanjaarden, landden we toch veilig… in Verona. Er werd aangekondigd dat over onbepaalde tijd een bus zou worden ingelast richting Milaan. “Ten vroegste over vijf uur zal u op uw bestemming aankomen. Het is moeilijk te voorspellen, dus het kan ook langer duren”, werd er nog snel aan toegevoegd. Daar stond ik dan, alleen en nog steeds half in shock, tussen kwakende Spanjaarden en Italianen. Communicatie en vlotte afhandeling van onvoorziene omstandigheden zijn niet de sterkste kant van Ryanair. Maar goed, Europcar wist wel van aanpakken en onze gereserveerde auto werd me reeds in Verona aangeboden. Zo kon ik met knikkende knieën mijn vriend zelf gaan ophalen in Milaan. Jawel, hij is toevallig ook van Ierse komaf. Na enkele dagen toeren door prachtige steden, pittoreske dorpjes en een stop aan de Adriatische kust, kwamen we aan op een landhuis alwaar een Ierse trouwpartij plaatsvond, meerbepaald die van mijn schoonbroer. En gans vliegtuig vol Ieren arriveerde ter plaatse. Zoals het een echt Toscaans landhuis betaamt, werd er ook zelfgemaakte wijn geschonken. Doch, menig Ieren waren verontwaardigd dat er geen Bulmers of Guiness te verkrijgen was. Ieren houden van cider en bier, wijn vinden ze maar een eigenaardig goedje. Terug in België en aangekomen op de camping van Werchter moest ik vaststellen het aantal Ierse festivalgangers dit jaar in percentage serieus toegenomen was. Voor de Ieren is dit een spotgoedkoop festival en dat nieuws doet hier ondertussen vrolijk de ronde. De tickets zijn goedkoop, het bier is goedkoop, de camping ook en het weer zit lekker mee. Waarom het dubbele betalen voor Oxigen in Ierland? Hoe klein dit land ook is, zowel qua oppervlakte als met zijn luttele 4,5 miljoen inwoners, nergens ontsnap ik nog aan de Ierse invloeden. Eerlijk gezegd vind ik dat eigenlijk best fijn en ben ik ondertussen stiekem toch een beetje trots dat ik in Ierland woon. Ik begin duidelijk aan mijn nieuwe bestaan in dit land te wennen

Tuesday, June 9, 2009

Grote klappen voor de regeringspartijen in Ierland

Ondanks het feit dat de verkiezingen hier al plaatsvonden op vrijdag 5 juni, sijpelen de resultaten nu pas binnen. De uitslagen zijn tot op dit moment nog steeds niet volledig bekend. Dit is het nadeel van nog te stemmen met potlood op papier. Enkele jaren geleden werd door de overheid een revolutionair en ultraduur computersysteem aangekocht dat de verkiezingen in Ierland moest moderniseren. Miljoenen werden hieraan gespendeerd. Helaas bleek het systeem langs geen kanten te werken en nog meer geld om het verder te verfijnen, was er niet meer. De ganse rimram werd dus maar naar het containerpark verbannen. Al het geld dat erin gepompt was, werd uiteraard niet gerecupereerd en sindsdien wordt hier weer vrolijk met potlood op papier gestemd. Only in Ireland… In Ierland waren er niet alleen Europese verkiezingen, maar ook gemeenteraadsverkiezingen en provinciale verkiezingen. De opkomst strandt op 58,58 procent, wat hier redelijk goed gevonden wordt. De Ieren zijn erg ontevreden over de gang van zaken in hun land op dit ogenblik. Kan het ook anders? De Celtic Tiger is geïmplodeerd. De werkloosheid heeft vorige week de grens van 400.000 overschreden, wat overeenkomt met 12% van de actieve bevolking. Prognoses voorspellen dat dit nog zal oplopen tot 500.000 of 15% tegen het einde van dit jaar. Winkels sluiten hun deuren, pubs gaan failliet, grote bedrijven die eens naar Ierland trokken omwille van het belastingsvoordeel verlaten dit uitgebluste paradijs voor andere voordeligere oorden. De regering besliste om het openbaar vervoer in te krimpen, en om de uitkeringen te verminderen. Ze beweert bovendien de staatskas te kunnen aandikken door een deel van het kindergeld af te schaffen. Ook de begeleiding van minder begaafde kinderen of leerlingen met problemen zoals dislectie of autisme wordt in de lagere school zo goed als afgeschaft en in het middelbaar sterk verminderd. Een mens zou voor minder malcontent zijn. Het stond dus als een paal boven water dat deze verkiezingen niet over Europa zouden gaan, noch over het beleid op lokaal niveau, maar over het wanbeleid van de nationale regering. Velen hopen dan ook dat de uitslag ertoe zal leiden dat de regering zijn koffers zal pakken en vervroegde verkiezingen zal aankondigen, want niemand gelooft nog dat zij bekwaam is om dit land tot 2012 te leiden zonder dat het volledig de dieperik intuimelt. Zogezegd, zo gedaan. De regeringspartijen verliezen bij de lokale verkiezingen massaal. De groenen zijn nagenoeg van de kaart geveegd en houden nog een luttele 3% over. Fianna Faíl (centrumrechts) gaat van 32% naar 25% en is na ontelbare jaren van de grootste-partij-troon gestoten. De verliezen van de regeringspartijen zijn bij de Europese verkiezingen minder uitgesproken. Van de kandidaten die al in Brussel zaten, was men blijkbaar nogal tevreden, want een groot deel mag terugkeren naar zijn zetel. Helaas moet ik opnieuw vaststellen dat er toch weinig mensen voeling hebben met wat er op Europees niveau gebeurt. Op dit ogenblik heeft men hier andere kopzorgen, waarvan de economische crisis duidelijk de grootste is. Tot mijn verbazing blijkt het kiessysteem in Ierland helemaal anders in elkaar te zitten dan in België. Voor Europa bestonden er vier verschillende lijsten, voor de vier grote gebieden in Ierland: North West, South, East en Dublin. Op elke lijst stonden tussen de tien en de dertien kandidaten, verdeeld over de verschillende partijen. Er wordt binnen de partij beslist welke kandidaten naar voor worden geschoven alsook hoeveel kandidaten er per regio zullen opkomen. Een plaats op de lijst kost veel geld en als je niet verkozen bent, ben je dat geld onherroepelijk kwijt. Wie verkozen is, krijgt zijn ‘inkoopsom’ terugbetaald. Het geld van de niet-verkozenen wordt gebruikt om zoveel mogelijk kosten te dekken die bij de organisatie van de verkiezingen komen kijken. Zo worden de voorzitters en bijzitters van de stemlokalen bijvoorbeeld betaald en naar verluidt zou dat een aardige som opleveren. De stembiljetten zijn dus niet onderverdeeld volgens partij zoals in België. Er is slechts één lijst, met de verschillende partijen vertegenwoordigd en elke partij heeft zoveel kandidaten als dat ze plaatsen op de lijst opgekocht heeft. Meestal zijn dat er niet meer dan drie. Elke partij kan, maar moet niet, een aantal plaatsen opkopen. Dat verklaart waarom er in sommige regio’s slechts tien kandidaten op de lijst stonden en in andere dertien. Enkel wie een kans maakt om ook effectief verkozen te worden, komt op de lijst te staan. Een partij zal geen geld geven aan kandidaten die geen schijn van kans maken. Er wordt gestemd door nummers te plaatsen naast de kandidaten van je voorkeur. Respectievelijk 1,2,3,4 voor je vier geprefereerde keuzes. Je nummer 1 is uiteraard je eerste keuze, en als je wilt, kan je nog verder nummeren, maar dat hoeft niet. Een voorbeeld van een stembiljet kreeg ik helaas niet te pakken en foto’s nemen in de ‘polling station’ was ook niet toegestaan. Stel je er een ouderwets klaslokaaltje bij voor, met een voorzitter en bijzitter die al lang de pensioengerechtigde leeftijd overschreden hebben en wankele houten schermen als stemhokjes. De tijden van moderne computersystemen zijn al lang voorbijgestreefd in Ierland.

Noord-Ierse kwesties!

Wie dacht dat de zaken in Noord-Ierland uitgeklaard waren, heeft het goed mis. Wie verwacht dat ik in dit artikel een klare kijk op de situatie kan geven, kan beter meteen hier stoppen met lezen. Moraal van het verhaal: de situatie in Noord-Ierland is zo bijzonder en complex dat ook ik het niet uitgelegd krijg zonder in een kluwen van gedachten verstrikt te geraken. Ik onderneem toch een bescheiden poging en om niet te vervallen in saaie politieke praat, baseer ik me op enkele eigen ervaringen. De Belgische media hebben nog bijzonder weinig aandacht voor de conflicten in Noord-Ierland, waardoor al snel geconcludeerd wordt dat iedereen het daar na het tekenen van het Belfast Agreement in 1998 best naar zijn zin heeft. Toen ik vijf jaar geleden in de Republiek Ierland studeerde had ik het briljante idee om een weekendje naar Belfast te trekken met een Franse vriendin. Aangekomen in het busstation na een helse rit door de bergen en langs prachtige watervallen, begeven we ons naar onze jeugdherberg die in het centrum van de stad gelegen is. Het is vrijdagavond en dus verwacht je een zekere uitgelaten sfeer, mensen op straat, volk in de pubs, tijd om vreugdevol het weekend in te gaan. Niets daarvan in Belfast. Het centrum ligt er verlaten bij, geen pubs of restaurants te bespeuren en geen kat op straat. De eigenaar van de hostel weet ons te vertellen dat dit gebied ten tijde van de hevigste ‘troubles’ om zes uur ‘s avonds afgesloten werd met barricades. Zelfs al zijn de barricades er nu niet meer, de gewoonte en de schrik zitten er nog steeds in en na sluitingstijd van de winkels verandert het levendige centrum in een verlaten hol. Verder hoorde ik toen regelmatig op het nieuws dat taxi’s in brand gestoken waren en winkels vuur gevat hadden. Vijf jaar later woon ik op vijftig kilometer van de grens met Noord-Ierland en op een kleine twee uur rijden van Belfast. De gemoederen zijn een stuk bedaard in vergelijking met toen, maar de ‘troubles’ zijn nog lang niet opgelost. Geen brandende taxi’s en winkels meer, maar toch vielen er de laatste maanden alweer enkele doden in uit de hand gelopen rellen. Vorige week nog werd er gevochten tussen bendes in Belfast en liet een jongeman hierbij het leven. De protestantse en katholieke wijken in Belfast zijn nog steeds strikt gescheiden door een op sommige plaatsen twintig meter hoge muur. De poorten die de wijken overdag met elkaar verbinden gaan om zes uur ‘s avonds en tijdens het weekend onherroepelijk dicht zodat er geen rechtstreeks verkeer mogelijk is tussen beiden gebieden, tenzij via de neutrale zone die het stadscentrum vormt. Wat vroeger een politieke kwestie was, is tegenwoordig voornamelijk geëvolueerd naar een soort bendeoorlog. De verschillende bendes zijn vaak betrokken in drugs- en wapenhandel, maar de religieuze roots spelen uiteraard nog een grote rol. Onlangs ging ik wandelen in de bergen in Noord-Ierland en we parkeerden onze auto in een klein dorpje net over de grens met de Republiek Ierland. Na even afgedwaald te zijn wandelden we plots in een wijk waar de voetpaden en brugjes in de Union Jack kleuren geschilderd waren. Maar goed dat we daar onze auto met Ierse nummerplaat niet geparkeerd hadden, want een verdwaalde kras of deuk zou op zijn minst onze auto gesierd hebben op het einde van de dag, zo werd ons door verschillende mensen meegedeeld. In de Republiek Ierland, aan de andere kant van diezelfde grens op slechts enkele kilometers van bovengenoemd dorpje, werd onlangs een auto met Noord-Ierse nummerplaat duidelijk gemaakt dat hij niet welkom was op wat een private weg bleek te zijn. De bestuurder werd kordaat verzocht rechtsomkeer te maken en een andere route te zoeken om zijn bestemming te bereiken. Wij, met Ierse nummerplaat, mochten wel doorrijden. Spreek bovendien het woord IRA niet uit in het openbaar, want je riskeert jezelf in de nesten te werken. Dit is een hypergevoelige thematiek, gelijk waar je komt op dit eiland. Onlangs nog vertelde een vriendin me dat ze het als leerkracht lager onderwijs in de Republiek Ierland zo moeilijk had om werk te vinden omdat ze protestants is. Haar katholieke vriendinnen daarentegen werden overal uitgenodigd voor sollicitatiegesprekken. Het zit in de kleine dingen, die toch vaak hard aankomen. Kleine dingen, die soms grote gevolgen kunnen hebben. Vandaag is het absoluut veilig om als toerist Belfast te bezoeken en een georganiseerde rondrit te maken langs de muurschilderingen en doorheen de verschillende katholieke en protestantse wijken. Maar tussen de verschillende bendes heerst nog steeds haat en wrok en regelmatig escaleert dit helaas in rellen met slachtoffers. Maar over het algemeen zijn de Noord-Ieren het vechten moe. Ze hebben er geen zin meer in. Het mag nu maar eens ophouden. Maar niemand kan een pasklare oplossing bieden voor de aanhoudende spanningen. Waarom niet? Omdat de situatie ongelooflijk ingewikkeld is.

Knappe vrouwen, rugby en klaagliederen.

Ik kocht deze ochtend een exemplaar van de twee vermeende kwaliteitskranten in Ierland: The Irish Independent en The Irish Times. In welke mate deze kranten zo onafhankelijk zijn is maar de vraag, want overal hoor ik dat de overheid toch een grote zeggenschap heeft in wat er al dan niet in het nieuws verschijnt. The Irish Independent wijdt toch drie pagina’s aan verkiezingen. ‘Hoera’, dacht ik, ‘eindelijk kom ik meer te weten via de officiële kanalen’, maar dat was te vroeg gejuicht. Ik vond één artikel over de Europese verkiezingen. Alweer een vreugdesprongetje in mijn hart. God, wat zijn de verkiezingen toch boeiend. Fine Gael, de grootste oppositiepartij sinds jaar en dag, heeft een Europees Manifest gelanceerd. Nadat ik het artikel drie keer gelezen had om toch maar geen flaters te slaan, kon ik met zekerheid vaststellen dat het volledig gewijd was aan het model Virginia Macweetikveel die aanwezig was op de lancering, en partijleider Enda Kenny bijstond op deze grote dag. De inhoud van het Manifest wordt vakkundig omzeild. Een ander interessant artikel trekt vervolgens mijn aandacht. Uit Europees onderzoek blijkt dat de Ieren de zilveren medaille ‘zagen en klagen’ winnen na goud voor de Britten. Ieren klagen gemiddeld maar liefst 9u en 28 minuten per week of zo’n 20 dagen per jaar. Het klaagmoment van de week blijkt maandagochtend klokvast om 10u37 te zijn. Vreemd is dat er niet zozeer geklaagd wordt over politiek, wel over 1. Het weer 2. Verkeer 3. Vermoeidheid 4. Werkdruk. Ter vergelijking, de Spanjaarden houden het op 4u en 38 minuten per week. Op de website vind ik geen additioneel interessant nieuws, geen blog over Europa en geen speciale pagina met verkiezingsnieuws. Misschien heb ik meer geluk met The Irish Times. Ik vind een massa artikels over de Heineken Cup Final, de Europese rugby finale. Enkele pagina’s verder stuit ik op verkiezingsnieuws. Deze keer krijgt de inhoud van het Europese Manifest van Fine Gael wel meer aandacht. Er wordt schoorvoetend toegegeven dat er wel degelijk fouten zijn gemaakt in de analyse van het Verdrag van Lissabon. Ten tijde van het referendum werd verkondigd dat maar liefst 80% van de wetten die sinds 1992 goedgekeurd zijn, beïnvloed werden door Europese beslissingen. Te veel naar Ierse nationalistische normen, want waar gaat onze identiteit heen? Nu blijkt dit toch maar 30% te zijn. Een interessant gegeven, maar Fine Gael vindt het positief en pleit voor een pro-Europese houding. Kan dit een kentering betekenen? Zie ik hier een positief signaal? Ook de website maakt me blij, want hier vind ik een volledige pagina gewijd aan de verkiezingen, met bovendien een klein onderdeel over Europa. Veel leer ik echter niet bij. Maar goed, Ierland blijft bovenal een sportland, dat blijkt duidelijk uit de verslaggeving op de websites en in beide kranten. Van Europese politiek ligt men hier niet zozeer wakker, van sport en knappe vrouwen des te meer.

Europese verkiezingen? Echt?

Ik heb de test gedaan. Ik woon op exact 1,6 km van het kleine stadscentrum en ben te voet heen en terug gewandeld. Op mijn weg, die best wel stijl bergop en bergaf gaat, heb ik de verkiezingsborden geanalyseerd. Deze zijn trouwens allemaal keurig aan de verlichtingspalen bevestigd. Wat blijkt, op die 1,6km vind ik welgeteld vier plakkaten voor de Europese verkiezingen. De tel van het aantal borden voor de gemeenteraadsverkiezingen ben ik onderweg kwijtgeraakt. Misschien doe ik het nog eens opnieuw, maar de conclusie was duidelijk. De Europese verkiezingen moeten aan populariteit het onderspit delven ten opzichte van de lokale. Naar verluidt is dat een algemene trend in Europa. Het straatbeeld wordt bovendien niet alleen gesierd door verkiezingsborden, maar evenzeer door een ganse horden politiekers die van deur tot deur het politieke woord gaan verkondigen. In groep, alleen, in maatpak of in busjes, op die 1,6 km heb ik veel politieke commotie gezien, maar bijzonder weinig Europese interesse. Als je dan aan de doorsnee Ier vraagt op welke partij hij van plan is te stemmen voor de Europese verkiezingen, zegt hij doodleuk: “Ah zijn er ook Europese verkiezingen?”. Vraag ik nog een beetje door bij enkele anderen, dan blijkt dat niemand eigenlijk echt begrijpt wat Europa in hun leven kan betekenen. “Wat doen die gasten daar eigenlijk in Brussel? En wat belangt het ons aan? Ja, meneer den burgemeester, die doet toch veel voor ons. Maar Europa? Geen flauw idee”. Of toch, enkelen rollen met hun ogen. “Ja, Europa, daarvan hebben wij veel steun gekregen om ons wegennetwerk te vernieuwen”. Een fonkeling in de ogen en golf van appreciatie voor Europa. Maar dan verschijnt de donderwolk op elkeens gezicht. “Europa heeft ons financieel gesteund om nieuwe wegen te bouwen, waar wij nu tol op betalen die de kas van onze eigen regering spijst. Dat moet je mij eens uitleggen?!” Tja, wat moet ik daarop dan zeggen? De wil is er, het geloof in Europa is er evenzeer, maar gebrek aan informatie, een weinig transparant beleid en te veel controle op de media van hogerhand houden de mensen helaas een beetje onwetend.

Tuesday, May 26, 2009

Neen tegen Lissabon. Het Waarom.

Alle ogen zijn op Ierland gericht na de ‘No vote’ op het Verdrag van Lissabon. Het werd de Ieren niet in dank afgenomen. Verwijten van ondankbaarheid, opportunisme en domheid werden hen naar de oren geslingerd. Dat heeft diepe indruk nagelaten bij de bevolking, want dat was niet de boodschap men wenste uit te dragen. Ik besloot, in het kader van de nakende Europese verkiezingen, toch even rondvraag te doen over dit incident. Waarom hebben de Ieren eigenlijk tegen gestemd? Ik kreeg verschillende uiteenlopende verklaringen, waarvan ik er graag enkele op een rijtje zet. Ten eerste bleek dat de informatie ondoorzichtig en onduidelijk was. Velen wisten niet waarover die verkiezingen eigenlijk gingen. Het onbekende wekt angst en negatieve gevoelens op. Dit was dan ook een belangrijke reden voor veel nee-stemmers. Vervolgens deden er tegenstrijdige berichten over de inhoud van het verdrag de ronde. Dit leidde tot wilde verhalen die massaal geloofd werden, aangezien ze ook door niemand ontkracht werden. De grondwet zou moeten gewijzigd worden, Ierland zou zijn leger moet afstaan aan Europa en het zou zijn eigenheid en tradities op termijn verliezen. Kortom, geen goed plan volgens de Ieren en dus stemden velen op grond hiervan tegen. Dat het werkelijk om de hervorming van de Europese instellingen ging, bleek slechts tot bij weinigen doorgedrongen te zijn. Nu moet je weten dat het Ierse volk erg gehecht is aan zijn traditionele cultuur, maar bovenal aan zijn vrijheid. De Ieren hebben 800 jaar gevochten voor hun onafhankelijkheid en in 1921 zijn ze uiteindelijk tot een akkoord gekomen met de Britse regering. Dit land had geen know how op politiek vlak, geen grondwet en geen idee waaraan het begonnen was. Alles werd dus van nul opgebouwd en daar zijn de Ieren best trots op. Die lang verdiende vrijheid, waar zovelen voor gesneuveld zijn, waar zoveel verdeeldheid over geweest is, waar zo hard om gevochten werd, wil men voor geen geld terug afgeven. Zo komen we uit bij een derde belangrijke reden. Vele Ieren hebben schrik hun identiteit te verliezen of in het niets op te gaan in Europa. Er leeft een soort angst om opnieuw een eindeloos gevecht te moeten leveren om hun eigenheid te mogen behouden, schrik alles waaraan men sinds de onafhankelijkheid geboetseerd heeft opnieuw te moeten begraven. Tot slot heeft een groot deel tegen gestemd uit pure frustratie tegenover de eigen Ierse regering. Wanbeleid, corruptie en vriendjespolitiek onder het huidige beleid doen de haren van velen overeind staan. Een frustratiestem tegenover de eigen regering deed Europa de das om. Dat de gevolgen voor Europa zo groot zouden zijn, had men onderschat en dat hebben velen ondertussen wel ingezien. De Ieren zijn zeker niet tegen Europa. Zijn beseffen maar al te goed welke rol de EU gespeeld heeft in de ontwikkeling van hun land, waar in de jaren tachtig nog armoe troef was. Ze zien ook duidelijk het belang van een verdere samenwerking met de Europese Unie. Tegelijkertijd willen ze echter niet het gevoel hebben dat ze daarom eeuwig ja moeten knikken, uit zogenaamde dankbaarheid. Dit mag hen niet belemmeren een eigen mening te hebben. De aankondiging van een nieuw referendum in het najaar wordt met gemengde gevoelens onthaald. Enerzijds zijn er velen die het belang beseffen van die ja-stem en die dat ook ongetwijfeld zullen doen. Onder deze groep heerst schaamte omwille van de foute keuze bij het laatste referendum. Zij zien de ‘No vote’ als een onfortuinlijke samenloop van omstandigheden en zullen er alles aan doen om het tij te keren. Anderzijds is er nog steeds een groep die ontsteld is over het feit dat hun nee-stem niet aanvaard werd. Wat is het nut van een referendum als je opnieuw moet gaan stemmen omdat de uitslag niet voldeed? Deze groep zal zonder twijfel opnieuw tegen stemmen. Het wordt dus spannend om de verdere ontwikkelingen te volgen en boeiend om te zien welke invloed de Europese verkiezingen op de situatie zullen hebben.